17-11-2009 (MT 715
Nederlandse touristen staan in het buitenland niet erg hoog in aanzien. Gierig, onbeschaafd en luidruchtig. Dat is het beeld dat we na onze vakanties in Frankrijk, Spanje en Italië gemiddeld achterlaten. Naast alle rotzooi die we naast de prullenbakken van de steden en parkeerplaatsen hebben weten te mikken natuurlijk. Als leerlingen dat horen, kijken ze vaak vreemd op. Dit knaagt aan hun trots op het Nederlanderschap, want de Nederlandse cultuur is toch de beste nietwaar? Zeker weten. Als we op school rondlopen, zien we dan ook juist helemaal geen rotzooi op vloer. Geen kauwgum in de vloerbedekking of rare krassen op tafelbladen. Docenten worden netjes met mevrouw of mijnheer aangesproken en natuurlijk niet enkel en alleen met hun achternaam. Er wordt zorgvuldig met de eigen en andermans spulletjes omgegaan en afspraken worden netjes nagekomen. Er is op de hele school geen neanderthaler te bekennen die zijn gebrek aan ontwikkeling op volle sterkte via zijn mobieltje of mp3-speler wereldkundig wil maken. Schreeuwen door de gangen? Komt niet voor. Zo lomp zijn wij niet. Al te harde vloekwoorden worden zorgvuldig vermeden en iedereen is er op gericht om het de ander naar de zin te maken. Na de les schuift iedereen zijn stoel aan en groet de docent vriendelijk goedendag. Bij problemen wordt niet hoog van de toren geblazen, maar zijn bescheidenheid en inschikkelijkheid de norm. Nee, Nederlanders zijn echt helemaal toppie. Wie zouden toch die rare lui zijn die ons in het buitenland zo'n slechte naam bezorgen?
16-11-2009 (MT 714
Tijdens de proefwerkweek namen we de tijd om in het dorpshuis het muzieklokaal weer piekfijn op orde te brengen. Het gebouw was verlaten en afgesloten. Althans, dat dachten we, tot een zachte klop op de binnendeur ons verraste. Een mijnheer stak een ervaren bebrild hoofd om de deur. "Neemt u mij niet kwalijk, maar ik ben van de gemeente." Een wat curieuze introductie, want met alle medewerking die we voor de nieuwbouw van de gemeente hebben ontvangen, nemen we het tegenwoordig niemand meer kwalijk dat hij bij de gemeente werkt. Sterker nog: het strekt tot eer. Al gauw kwam hij ter zake: in opdracht van de gemeente voerde hij een milieuïnspectie uit op het dorpshuis. Het was zijn taak om de milieurisico's in kaart te brengen. Of wij voldoende bekend waren met het gebruik van het gebouw om die risico's helder te krijgen. We pijnigden onze hersens, maar verder dan de uitstoot van CO2 door de leerlingen kwamen we niet. Natuurlijk voegden we daar ter geruststelling meteen aan toe dat we die uitstoot in Kyoto al internationaal geregeld hadden, maar dat werd niet helemaal als grapje begrepen. Milieuïnspecteren bleek een serieuze aangelegenheid. "Houdt u hier dan geen feesten met de school?" Nu gedraagt Koos zich soms wel alsof elke les een party is, maar daar durfden we niet meer mee aan te komen. Neen dus. Hij keek wat richtingloos om zich heen, vroeg nog twee keer of er toch echt geen feesten* werden gehouden en vertrok toen onverrichterzake maar weer naar zijn afdeling. Het blauwe schrijfmapje dat hij bij binnenkomst nog fier tegen de borst had geklemd, bungelde bij het weggaan wat mistroostig in zijn hand. Voor niks meegenomen, in het geheel niets te melden. Gemeenteambtenaren kennend, denken we echter te weten dat er rond deze tijd een rapportje van minstens tien velletjes - met verantwoord kaftje en inhoudsopgave - op het het bureau van de wethouder ploft. Vroeger zouden we zeggen: "Gut, wat een onzin." Tegenwoordig zeggen we: "Grondig werk hoor!"

*Wat zou toch in hemelsnaam het milieurisico van een feest zijn?

13-11-2009 (DG 713
Poeh poeh, het zit er weer op. Het was een week vol verwachtingen. Wat zal er getoetst worden? En 50 of 100 minuten later: hoe zal de toets gemaakt zijn? Hoe groot zal de schade van de verwachte mexicaansegriepgolf zijn? Hoe zullen de projectdagen verlopen? Op een aantal vragen hebben we al antwoord en dat viel gelukkig heel erg mee. Binnenkort zullen we het allemaal weten. Eerst even genieten van een paar dagen rust. Nou ja, rust. Hoeveel inhalers zullen maandagochtend (op tijd) aanwezig zijn? Hoe lang zal het duren voor die hele stapel correctiewerk doorgeploeterd is? Hoe zal het dit jaar met Sinterklaas en zijn Pieten zijn? Vol verwachting klopt ons hart..........
12-11-2009 (DG 712
Het was vandaag weer tijd voor de eerste ronde projectdagen van het jaar. De laatste toetsen zaten nog niet in de enveloppen of de boel werd al weer omgebouwd. Proefopstellingen werden doorlopen, straatkinderen geholpen, de liefde werd geanalyseerd en een benedenverdieping voor het nieuwe schoolgebouw werd, zo goed en zo kwaad mogelijk, op schaal ontworpen. Er werd ook van het mooie herfstweer geprofiteerd. Eén van de eerste klassen mocht de wandelschoenen aantrekken om gewapend met een routebeschrijving en een kaart de omgeving eens te gaan verkennen. Zolang iedereen zich aan zo’n route houdt, is er niet veel aan de hand. Maar als er dan een paar besluiten om verkeerd te gaan lopen, zul je toch wat moeten. En wat doe je dan, dan besluit je om gewoon de juiste route te volgen en die paar foutlopers hun gang maar te laten gaan. Zo dachten drie eersteklas spoorzoekers tenminste. Want als je toch zeker weet dat de overige vijfentwintig wandelaars op een verkeerd spoor zitten en je niemand van je gelijk kunt overtuigen, dan ga je er gewoon voor. Vooral als je gewapend bent met twee mobiele telefoons! Gelukkig haalde uiteindelijk iedereen weer de veilige thuishaven. Dus ook de papieren van de heren konden, met een klein beetje vertraging, boven op de vijfentwintig reeds ingeleverde exemplaren gelegd worden. En toen waren de meesters en juf weer gerust……….
11-11-2009 (DG 711
De toetsweek heeft zijn grootste deel al weer gehad. Voor de leerlingen zit het er bijna op. Voor de docenten gaat het feest nu pas echt beginnen. Gewapend met rode pen kunnen zij zich op de inhoud van de inmiddels beroemde gele enveloppen gaan storten. Het is alleen niet te hopen dat de staat waarin deze enveloppen zich af en toe bevinden een voorbode zijn voor het resultaat van de toetsen die erin zitten. Dan zouden bijvoorbeeld de toetsen aardrijkskunde in de inmiddels voor het vijfde jaar gebruikte envelop niet eens de moeite van het nakijken waard zijn. Of de sectie biologie bijvoorbeeld zou juichend kijken naar de spiksplinternieuwe, kreukelvrije envelop, wetende dat de inhoud daarom dik voldoende zal zijn. Nee die enveloppen verraden slechts één ding: toetsweek. Beste beentje voor dus. Maar daar hebben we gelukkig geen envelop voor nodig. Dat spreekt gewoon voor zich.
< Ouder 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31Nieuwer >